Refrein:

Zit er nog bier in de kraone,
want vanavond komme d'Haone.
Zit d'r nog bier in 't vat,
want vanavond komme d'Haone en verboemele heul de stad.
heul de stad!
Zit d'r nog bier in de kraone,
want vanavond komme d'Haone.
En zit er geen bier in 't vat,
dan komme der traone,
dan komme der traone,
dan komme der traone en wordt alles nat...

't is gedaan, 't is gedaan
we motten nou naar huis toe gaan
ach wat 'n leed, ach wat 'n leed
't is weer gedaan

Een muts op mijn hoofd, mijn kraag staat omhoog.
Het is hier ijskoud, maar gelukkig wel droog.

De dagen zijn kort hier, de nacht begint vroeg.
De mensen zijn stug, en er is maar een kroeg.

Brandend zand en een verloren land
en een leven vol gevaar
brandend zand berooft je bijna van 't verstand
en dat alles komt door haar

In 1990, in het jaar van de herstart onder Cor Sprengers, is het thema ‘Circus d’Haone’. Uit die tijd dateert het navolgende lied:

Circus d'Haone is weer in de stad

Midden in de Vrijstraat staat een tent opgesteld
't Haone circus is weer in ons land
Voor de groten tien gulden, de kleinen half geld
Jongens wat een sensatie is dat
Maar wie staat daar aan de deur
het is Cor onze directeur

Vers:

We zijn geboren tussen lampen en sigaren,
We wonen in de stad, die bruist van dynamiek,
Maar wat we altijd hebben trachten te bewaren,
Dat is 't Brabants hart en onze feestmuziek.

1
Toen den hertog Jan kwam varen,
te peerd parmant, al triomfant,
Na zeven honderd jaren,
hoe zong men t'allenkant;
Harba lorifa, zong den Hertog,
harba lori fa.
na zeven honderd jaren
in dit edel Brabants land.

Het enige wat nodig is bij de uitvoering van dit lied, is een aantal zanglustigen en een fiets. Wat is er eenvoudiger dan op een feest met een fiets op te komen en hierover te gaan zingen. Je roept maar een onderdeel van dit rijwiel en er ontstaat spontaan een couplet. Wanneer het refrein ook nog eens ‘lekker’ zingt is het feestlied al gauw een succes. Het is duidelijk dat je de tekst naar eigen believen kunt inkorten of uitbreiden.

Refrein:

In de Dommelsche brouwerij,
wordt elke dag een zondagskind geboren,
na een vrolijke vrijerij,
‘t concubinaat van hop en mout.

Ik heb mosselen, mosselen, hele fijne mosselen
Ik heb mosselen, hele fijne mosselen

Refrein:

Nie knieze, nie zeure,
da’s hartstikke fout.
Vergèt niet te lève,
want straks bende oud (2x)

Refr.:   We willen ze houwen, d’r is al zoveel naar de maan,

            we willen ze houwen, de Aalsterweg, die blijft bestaan,
            want wij zijn stapel op die club,
            geef ons de tijd, dan pakken we de wereldcup,
            we willen ze houwen, d’r is al zoveel naar de maan,
            we willen ze houwen, de Aalsterweg, die blijft bestaan,
            natuurlijk P.S.V. is kolossaal,
            maar ons Eindhoven, ja ons Eindhoven,
            dat is voor ons het grote ideaal,
            maar ons Eindhoven, dat is ‘t helemaal,